door: Karel de Beer

Al een halve eeuw heb ik iets met de Oude Warande. Vroeger fietste ik er als broekje doorheen om met m’n vriendjes te gaan hockeyen. Voor de conditietraining werden we er hardlopend doorheen gejaagd en dat vonden wij toen helemaal niet leuk. Tegenwoordig doe ik dit nog, op vrijwillige basis! Onder het lopen kwam ik er bijvoorbeeld ook toe om mijn verdeelde geest te pijnigen over de hockeyfusie.

Verspreid over de afgelopen vijf jaar heb ik enkele verhaaltjes geschreven die alle wel iets te maken hebben met de nu jubilerende Oude Warande. Op mijn toenmalige blog, voor niemand en toch voor iedereen. Ik heb ze bij elkaar geharkt voor de komende jubileumviering en dat luidt als volgt.

 

1. Medio december 2006

Toen de winterstop het hockeyseizoen onderbrak werd ik teruggeworpen op het bos dat tussen de hockeyclub en de universiteit in ligt. Zeker sinds het begin van mijn vut sjouw ik daar wekelijks doorheen om mezelf in goede conditie te houden. Dit bos is de Oude Warande, onderdeel van een groot groen complex in de zuidwesthoek van Tilburg. Het is in de 18e eeuw geheel op geometrische basis aangelegd en sindsdien zo behouden. Alleen is er in de loop der jaren wat geknabbeld aan de randen en hoeken. Dit wordt momenteel gelukkig door de gemeente hersteld. Aan een van die randen is een tijdlang een dierentuin geweest die zo’n beetje ‘showroom’ en ‘opslag’ was van dierenhandel Van Dijk. Het verhaal gaat dat men daar in de jaren zestig eens een lading Siberische grondeekhoorns zou hebben vrijgelaten, of dat er per ongeluk een aantal is ontsnapt. Die beestjes zochten een goed heenkomen in de Oude Warande. Zij hebben zich daar meteen goed thuis gevoeld en zijn vlijtig gaan werken aan uitbreiding van hun populatie. Zij leven er nog steeds, hopelijk lang en gelukkig. Niet zelden gebeurt het dat ik ze tijdens mijn trainingstochten in het vizier krijg (evenals soms gewone eekhoorns.) Zij kijken al lang niet meer bedenkelijk als er een trimmer voorbijkomt zoals in de tijd toen hier de naam is ontstaan van het stripblad 'De bedenkelijk kijkende grondeekhoorn'. Enfin, mijn sportieve ik gaat in ieder geval overwinteren in het domein van de familie grondeekhoorn!

 

2. Eind december 2006

Al gauw ging ik weer naar het bos naast de hockeyclub voor spoedberaad met de grondeekhoorns. Daar was genoeg reden voor na een lange informatieve avond in een bomvol clubhuis waaruit bleek dat er voor de hockeyclub na zeventig jaar mogelijk een verhuizing in de lucht hing. Nu wordt de leefomgeving van de grondeekhoorns de laatste tijd toch al danig verstoord door groenwerkers met hun motorzagen namens de gemeente. Dit werk valt onder de noemer 'herstel van het bos in zijn oorspronkelijke staat.' Met het hout dat er uitkomt kun je allerlei nuttige dingen doen en door nieuwe bomen te planten krijg je later weer mooi hout. Maar als je die aardige hockeyers er nou uitgooit, wat komt er dan voor in de plaats? Verhuizing van de hockey werd tijdens die lange avond in het clubhuis als een voorwaarde gepresenteerd om te komen tot een fusie met een andere Tilburgse hockeyclub, Forward. De gemeente heeft geld, grond en plannenmakers die ons samen willen brengen in het Stappegoorgebied achter het Willem II-stadion aan de Goirleseweg. Die locatie zie ik helemaal niet zitten, ook al is het daar ergens in 1925 allemaal begonnen op een bijveld van Willem II. De prille hockeyclub Tilburg moest dat een jaar later al verlaten en vond tot 1934 z'n toevlucht op een privé-weiland verderop aan de Goirleseweg. Daarna werd een lap grond betrokken die de familie Verbunt beschikbaar had naast de Oude Warande. Nu dus ‘back to the roots?’ Maar dan wel in een heel nieuwe jas!

"Och," reageerde een oude en wijze grondeekhoorn, terwijl hij mij zeer bedenkelijk aankeek, "dan zijn wij in ieder geval verlost van die herrie rond dat clubhuis van jullie!" Om daar meteen aan toe te voegen: "Ik moet toegeven dat het 'Hup Tilburg' van vroeger heel saai klonk, maar wij konden dat best verdragen terwijl het ook promotioneel goed over kwam."

Zo, daar stond ík even bedenkelijk van te kijken. 'Geluidshinder A58' kan dus wel geschrapt worden van het lijstje met bezwaren tegen de nieuwe locatie.

"Eh, ik zie je nog wel, maar die fusie moet. Anders ben je een grote sufferd," riep de grondeekhoorn terwijl hij weg hupte.

Zag ik daar in een flits ook een traan in zijn ogen?

 

3. Begin maart 2007

Toen ik een dezer dagen het hockeybos weer doorkruiste stond mijn vriend, de oude en wijze grondeekhoorn, mij op te wachten onder een van de bankjes die langs de centrale rotonde staan. Hij weet dat ik daar altijd stop om een aantal rek- en strekoefeningen te doen.

Bedenkelijk kijkend vroeg hij: "Wat stelde dat gedoe afgelopen zondag met die helikopter voor?" Inderdaad cirkelde er die dag vrij lang een blauwwitte helikopter boven onze velden aan de rand van het bos. Onze wedstrijd was bezig, dus konden wij er niet veel aandacht aan schenken. We strijden immers volop voor onze kampioenskansen.

Het bleek het duizendste lid van Tilburg te zijn. Dat werd op deze manier met veel vertoon ingehaald, hoewel het een jeugdlid was en de club op ieder jeugdlid geld moet toeleggen zoals de penningmeester laatst heeft voorgerekend. Ze hebben dus eigenlijk een nieuwe kostenpost gedropt in plaats van een zak geld."

De grondeekhoorn knikte bedenkelijk en vroeg: "Hoe staat het dan met die fusie, is die nou niet meer nodig of zo? Enkele maanden geleden moest alles er fantastisch snel doorgejast worden, maar nu hoor ik er al een tijd niets meer van."

"Schei uit man over die fusie, daar is de hele winter door zo verhit over gediscussieerd dat de ijskap op de Noordpool een stuk harder ging smelten en er nooit meer een Elfstedentocht komt ......Vergelijk het maar met die helikopter zondag," ging ik verder, "het komt snel van de grond en blijft dan een tijd in de lucht hangen maar je weet niet voor hoelang. De vraag is niet meer wannéér het ding gaat landen, maar wáár. Er zijn er bij ons die er alles voor over hebben om dat in ieder geval niet op Stappegoor te laten gebeuren."

De grondeekhoorn piepte vol bewondering voor dit staaltje 'helicopter view' en vroeg: "Maar waarom zou je nog fuseren als jullie nu duizend leden hebben?"

Het antwoord op die vraag had ik snel klaar.

"Vanwege het geld hè! Wel dure talenten maar geen centen, daar red je het niet mee hoor ik zeggen."

De grondeekhoorn knikte begrijpend. "En jij, hoe denk jij er nu zelf over?”

Eerlijk gezegd vind ik een fusie nog steeds belangrijk voor de toekomst van het hockey in Tilburg. Hockey is toch sinds jaar en dag een van de grote sporten hier en er zit nog altijd groei in. Aan kleinere recreatieclubs heeft de regio geen gebrek. Bundeling van kennis, talenten, faciliteiten en netwerken in een grote club past prima in dit plaatje. Maar voor Stappegoor ben ik moeilijk meer te porren."

Mijn vriend kon het hier wel mee eens zijn.

"Aan ruimte geen gebrek. Toen wij hier begonnen was onze groep nog maar klein ……. maar hoezeer wij ons ook met succes vermeerderden, we hadden steeds ruimte in overvloed. Maar alle gekheid op 'n stickje: jij bent dus ook zo'n gespleten hockeypersoonlijkheid, zeer geschikt als speler in dat prisoners' dilemma van jullie. Ik heb met je te doen, maar gelukkig weet je goed wat het is om je door een moeilijke wedstrijd heen te slaan. Sterkte ermee."

Hierna hupte hij snel weg, terwijl hij nog riep: "Wíj hebben onze stemming al gehouden. Van ons mag de hele fusieclub hier komen, geen enkel punt. Tabee!"

 

4. Begin april 2007

Voor die spannende avond in de grote vergaderzaal van het Willem II stadion bleek dit voor mij een beslissend stemadvies te zijn geweest. Wij waren daar met ongeveer vierhonderd leden verzameld, van veteranen die in 1960 al in Heren 1 speelden tot de allerjongste junioren. Een hockeyfusie op locatie Stappegoor werd tegen middernacht uiteindelijk verworpen door 60% van de stemmen (2/3 had vóór moeten zijn) waaronder die van mij, terwijl deze bij Forward op dezelfde tijd werd aangenomen door 85%. Bij Tilburg leidde de uitslag allerminst tot uitbundige reacties. Men toonde zich veel meer opgelucht dat het nu allemaal voorbij was, wetende dat dit proces grote verdeeldheid had gezaaid en de uitslag er waarschijnlijk heel anders zou hebben uitgezien als het alleen om de fusie was gegaan. Er waren een heleboel pilsjes nodig om dit allemaal te verwerken. Pas tegen half twee werd er aandrang op ons uitgeoefend om het domein van Willem II te verlaten. Ik had intussen wel behoefte gekregen aan buitenlucht maar voelde nog te veel adrenaline en emoties om naar bed te gaan. Ik was op de fiets gekomen en genoot op de terugweg meteen van de frisse, kalme nacht. Ik fietste onze wijk in en even later zonder te stoppen weer uit, richting hockeyveld. De kaarsrechte met bomen omzoomde Bredaseweg lag er stil en verlaten bij. De frisse lucht bleef me goed doen. Oude tijden leken vanavond echt te herleven. Door het donkere bos fietste ik naar het clubhuis. Daar zag ik nog licht branden. Ongeveer twintig leden zaten er na te kaarten. Wij wensten elkaar succes met onze doorstart aan de bosrand. De club heeft scheuren opgelopen maar het basismateriaal is oersterk, wisten wij eensgezind. In stilte vroeg ik mij af of de grondeekhoorns buiten ook al door zouden hebben dat zij nog lang niet van ons af zijn!

 

5. Oktober 2007: Gouden Warande

Wie mijn verhaaltje van december 2006 heeft gelezen weet dat ik regelmatig voor mijn conditie door de Oude Warande sjouw, een prachtig in de 18e eeuw aangelegd bos aan de zuidwestkant van Tilburg. Ook vroeger, toen ik nog de illusie koesterde om mijn studie te combineren met een (top)sportcarrière, deed ik dit. Ik heb dus een hele geschiedenis met dit bos. Aan de zuid-westelijke bosrand ligt ons prachtige hockeycomplex, ten noorden gaat de spoorlijn naar Breda, ten oosten zetelt de Universiteit van Tilburg en aan de zuidelijke bosrand bevinden zich twee vroegere villa's van de familie Verbunt die eens het gehele bos bezat. In een van deze villa's is nu de bekende horecazaak Auberge du Bonheur gevestigd en de andere is omgebouwd tot kantoor van F. van Lanschot Bankiers. Onlangs op een willekeurige oktoberdag heb ik de Oude Warande van een andere kant mogen meemaken, en dat bleek een heel mooie kant. Ghislaine kon op deze stralende maandagochtend vanwege een gebroken pols niet naar haar vrijwilligerswerk toe. Ik stelde voor om dan maar te gaan wandelen, hielp haar in haar jas en dacht er op hetzelfde moment gelukkig ook aan om mijn fototoestel mee te nemen. De Oude Warande presenteerde zich aan ons op haar mooist. Het leek wel of het groen van de hockeyvelden, het goud van Van Lanschot en de wijnkleuren uit de Auberge in al hun tinten over het bos waren uitgestrooid. De enorme variëteit aan herfstkleuren werd royaal overgoten met de stralen van een volle nazomerzon aan een strakblauwe lucht. Ik schoot op deze ochtend een serie foto's die ik soms in een hele zomervakantie nog niet bij elkaar krijg. Toen ik later thuis het resultaat bekeek besloot ik meteen er een nieuwe kalender van te maken. Ik had mijn kalenders voor 2008 eigenlijk al gereed, maar deze moest er toch nog bij. Enkele dagen later was de klus geklaard en zouden anderen straks een jaar lang kunnen meegenieten van de Oude Warande in volle herfsttooi via mijn kalender die ik als titel gaf "A Colourful Autumn Experience." Ik zal er in elk geval een aanbieden aan neef Patrick Verbunt die zich ondanks zijn ziekte nog regelmatig laat zien in zijn Auberge. Deze kalender zal het goed doen in zijn kantoor daar.

 

6. Epiloog (12 juni 2012)

Het aanvankelijk afketsen van de hockeyfusie begin 2007 had voor mij onverwachte gevolgen. Ik werd gezien als een fervent tegenstander. Mijn periode van grote twijfel bleef voor de buitenwacht onbelicht. Het aantredende interim-bestuur deed een beroep op mij om als tweede penningmeester mee te helpen met een financiële en organisatorische inhaalslag die de doorstart als stand alone club mogelijk moest maken. Ruim drie jaar hard werken waren ervoor nodig om deze schoonmaak en reorganisatie uit te voeren. Tevreden kon ik vervolgens vaststellen dat ik alles bij elkaar toch voor duizenden euro’s had teruggeploegd aan teveel betaalde bedragen aan allerlei instanties, leveranciers e.d. die als bijen om zo’n vereniging heen zwermen.

Toch is de hockeyfusie er in 2011 gelukkig alsnog gekomen op de locatie waar wij al zolang zaten. In de ruimtebehoefte van de nieuwe HC Tilburg kon met medewerking van de gemeente prima worden voorzien door het al bestaande veldencomplex aan de rand van het bos uit te breiden zonder de structuur van de Oude Warande aan te tasten. Iedereen is er heel enthousiast over en de fusieclub bruist van nieuwe energie.

En de grondeekhoorns? Die leven nog lang en gelukkig in mijn …. eh ….. hun Oude Warande. Echt waar: ik heb ze vandaag nog gezien, kwieker dan ooit in de weer, al doet die oude het tegenwoordig wat rustiger aan. Wel kijken ze af en toe wat bedenkelijk naar al die hockeyers die daar nu rondhuppen, achter een groot hek............

Zie en geniet van de fotoserie gemaakt op 15 oktober 2007, de gouden Warande.