Door: José

Op een maandag in april ging ik, zoals ik zo vaak doe, met mijn hond in de Oude Waranda wandelen. We liepen rechtstreeks naar het vennetje in het midden van het bos. Mijn hond stond al snel in het water en ik had een boomstam gepakt. Hij vindt het heerlijk om het water in te rennen om de boomstam op te halen. Ik stond aan de rand van het ven. Het was nat en glad. Ik had de stam met beide handen vast en rekte me uit om ‘m weg te gooien. Mijn rechtervoet gleed weg. Ik wankelde. Probeerde mijn evenwicht te bewaren. Voorover of achterover vallen? Achterover. Op mijn linkerpols.

 

Ik werd wakker omdat mijn hond over mijn gezicht likte. Mijn pols deed gruwelijk zeer. Voorzichtig keek ik ernaar. Het bot stak omhoog. Ik werd er misselijk van en dreigde weer flauw te vallen. Mijn hond bleef naast me zitten en af en toe likte hij over mijn gezicht. Ik was alleen en had mijn telefoon niet bij me, terwijl ik dat normaal wel altijd heb. Ik kon niets anders doen dan terug naar mijn auto gaan en hopen dat ik iemand zou tegenkomen die me kon helpen. Ik stond op en strompelde terug naar de parkeerplaats bij Auberge Du Bonheur. Normaal neemt mijn hond er geen genoegen mee als we na zo'n korte wandeling alweer terug gaan. Nu liep hij keurig met me mee, hij had blijkbaar door dat iets niet goed was.

Bij de parkeerplaats kwam ik gelukkig iemand tegen die een telefoon bij zich had. Zo kon ik mijn dochter bereiken die me kwam ophalen en naar het ziekenhuis bracht.

Mijn pols is nog niet genezen, misschien komt het nooit meer helemaal goed, maar ik wandel weer in de Warande en gooi ook weer boomstammen het water in voor de hond!