door: Ad de Bruijn

Zo'n 50 jaar geleden woonde ik als kind in de Parochie Gasthuisstraat, in een straat waar vele grote gezinnen woonden. Ik kwam uit een gezin met elf kinderen en er woonden er meerderen met elf of twaalf kinderen. We speelden altijd met alle kinderen samen op straat.

Na schooltijd en op woensdagmiddag gingen we vaak op de fiets naar de Oude Warande. We maakten twee partijen en speelden 'rovertje', zoals we dat toen noemden, of we klommen in de bomen. Dat ging ons vlot af, want velen van ons waren ook lid van de turnvereniging Dionysius. In bomen klimmen mocht niet van de boswachter, dat wisten we wel, maar we zorgden dat we buiten zijn bereik bleven.

Dat is mij gelukt totdat ik mijn eerste brommer had en daarmee naar de Oude Warande reed. Ik was nog maar net in het bos of de boswachter hield me staande. Mijn eerste bon had ik te pakken! Hij was streng hoor, hij zag niks door de vingers.

 

Ook als volwassene kom ik nog vaak in de Warande. Ik woon nu in de Reeshof en fiets er doorheen als ik naar de stad ga.

Onze familiedag brengen we er ook wel eens door. Enkele jaren geleden organiseerde ik voor die dag een speurtocht door het bos. Ik had een leuke route uitgezet en tijdens de voorbereiding was ik niets vreemds tegengekomen. Tijdens de speurtocht zelf werd de pret wel enigszins gedrukt.

In kleine groepjes liep de familie gezellig keuvelend door het bos.

'Hé, kijk daar eens!'

Zo'n meter of tien van het pad lag iets groots. Nieuwsgierig, in de verwachting dat het onderdeel van de speurtocht was, ging het groepje kijken. Het leek een mens, half verstopt onder de bladeren. Maar hij reageerde niet.

'Hé?! Wat is dat dan?'

'Een lijk?!'

'Nee toch!'

Voorzichtig gingen ze dichter naar het lijk toe. Het hart klopte hen in de keel. Maar het lijk zag er toch wel vreemd uit. En toen de opluchting. Bibberend op hun benen zagen ze dat het een pop was. Een kunstwerk, blijkbaar.

Geschokt vervolgden ze hun weg.

 

Het napraten die dag bleef in het teken staan van het lijk, het kunstwerk en de hele familie had tijd nodig om op verhaal te komen. Niemand kon deze kunst waarderen.